Column Marly – Revalidatie – Zondag 21 november 2021

Revalidatie

 

Over revalidatie kan ik niet echt kort zijn. De vaste luisteraars weten dat ik inmiddels meerdere infarcten achter de rug heb en in de loop van de jaren vanaf 2012 tot nu heb ik verschillende revalidatietrajecten doorlopen en geen één was hetzelfde.Daarom heb ik ze eens op een rijtje gezet zodat de verschillen ook beter benadrukt kunnen worden. De eerste keren 2012-2013 had ik revalidatie vanuit het ziekenhuis met de benodigde verschillende therapeuten. Revalidatie-arts,die het geheel overziet, fysiotherapie voor de grove motoriek en het opstarten van conditie met sport, ergotherapie voor de fijne motoriek, logopedie voor de spraak en in mijn geval ook pychologie. Daarnaast werden er in het ziekenhuis verschillende groepsbijeenkomsten georganiseerd over diverse onderwerpen zoals bv ‘voeding’ of ‘aanpassen van de leefgewoonten’

Tot zover de revalidatie van het ziekenhuis, waar ik overigens zeer tevreden over was.

———————————————————————

 

In 2015 mocht ik na een week opname gewoon naar huis en moest ik zelf contact op nemen met de fysiotherapeut, ergotherapeut én logopediste. zij moesten aan de hand van mijn eigen verhaal (informatie had ik niet meegekregen) de behandeling bepalen.

De beste uitleg en behandeling kreeg ik van de logopediste en van de fysiotherapeut. Van ergotherapie worden maar enkel uren vergoed per jaar vanuit het ziekenfonds, dat ging dus allemaal wat minder uitgebreid helaas. Maar ik kon er goed mee vooruit

Tot zover de minder gestuurde revalidatie

 

—————————————————————–

 

En tenslotte komen we bij mijn laatste revalidatie (inmiddels 2018)  in de revalidatie kliniek, de meest individueel aangepaste revalidatie.

Als je naar de revalidatiekliniek mag, dan krijg je echt op maat aangepaste revalidatie, meer dan wat het ziekenhuis je kan bieden! De grote lijnen komen wel overeen uiteraard, je krijgt je eigen fysiotherapeut, je eigen ergotherapeut, je eigen psycholoog, je eigen maatschappelijk werker die er voor jou, maar er ook voor je gezin is. Maar wat verschilt (behalve dat je opgenomen bent) is dat alle mogelijkheden aanwezig zijn om te kunnen werken naar zelfstandigheid. Althans in de kliniek waar ik opgenomen was.. ze hebben echt alles, je kunt het zo gek niet bedenken of het is er.. er staat een auto om te leren hoe je kunt in- en uitstappen, vooral zeer geschikt voor de rolstoel revalidanten. Ze hebben een complete woonkamer gebouwd om zaken te oefenen. Waarbij ik ook eens gezien heb dat de stoelen als in een bus geplaatst werden en oefende men dus busritten.Een keuken waarin we gingen koken als onderdeel van de ergotherapie. En zelfs een badkamer met badkuip ! Overal zijn trappen te vinden met leuningen aan diverse zijden zodat je de trap in je eigen huis als het ware kun oefenen.

Ook qua therapieën zijn er talloze mogelijkheden.

*Bijvoorbeeld de arm hand/groep

Dit stuk is geschreven in mijn armhand/groep omdat ik schrijf om te oefenen in de arm hand/groep, daarmee kan ik tevens ook gebruik maken van de mogelijkheid om uit te leggen hoe deze groep in zijn werk gaat.

De naam van deze groep zegt het al het gaat om je (aangedane)hand en arm te trainen of oefenen om weer bepaalde functies of activiteiten te doen. En dan met name activiteiten  die je in het dagelijks leven tegenkomt. De week wordt dan ook begonnen met het bespreken van het weekend en wat we daarin gedaan hebben m.b.t. tot onze handen en hoe dat ging. Daarna kiezen we een taak voor die week. En dat kan van alles zijn,  voor jezelf kies je iets wat je belangrijk vind. Zo koos ik in het begin eten met mes en vork. Als eerste oefeningen ga je die gekozen taak uitproberen, vanzelfsprekend met de aangedane hand. Soms kun je de goede hand eens proberen om te zien hoe je het precies doet en vanuit daar kun je datzelfde proberen dat na te doen. Voor mij heeft het oefenen heeft het goed geholpen en ik kan mijn vlees weer mooi zelf snijden en dus veel beter met mes en vork eten.

Voor deze week heb ik als taak het typen met 2 vingers gekozen omdat ik graag (wil blijven typen)deze site wil blijven bewerken. En hoewel typen ook best lukt met 1 hand, is het frustrerend om te zien hoe de therapeuten fijn en snel met 2 handen typen wat ik voorheen ook ‘gewoon’ deed. Maar zoals we allemaal wel weten hoort ‘gewoon’ niet meer in ons leven erbij. En zo kon ik weer een weektaak aan mijn lijstje toevoegen, typen met het gebruik van beide handen. Uiteindelijk blijft het een kwestie van oefenen, maar zoals bij alles wat mij niet lukt vind ik het ook fijn om te weten waarin het probleem zit zodat ik weet waar ik aan moet werken. Bij het typen zit het probleem vooral erin dat ik in de kootjes van mijn de vingers in mijn linkerhand de kracht niet of nauwelijks inzet. Als hoofdoefening moet ik nu vooral typen uiteraard, tussendoor moet ik andere oefeningen doen, zoals kneden van klei of proppen maken van de bladzijdes van een telefoonboek, daarmee wordt de sterkte van de vingers gestimuleerd, vooral in de klei kun je goed je vingers trainen  om de toetsen van je toetsen bord beter  te raken. Hoewel ik duidelijk veel therapieën gehad heb hier in de revalidatiekliniek in alle weken van opname én ook in de dagbehandeling, kan ik met recht zeggen dat voor mij persoonlijk de arm hand/groep het meeste voor mij gedaan heeft. Dat komt door verschillende zaken; * Je kunt vanaf de eerste week gelijk beginnen te oefenen waar voor jezelf de moeilijkheid zit *Je krijgt deze therapie meerdere uren achter elkaar door * door de oefeningen krijg je ook inzicht over je sterke en minder sterke punten *hoe verder je bent in de groep, mag je ook gaan deelnemen aan de arbeidstherapie( in mijn geval houtbewerking), waarbij ook je krachten worden ingezet d.v.m zagen (ideaal als je met mes en vork weer leren eten

 

*Werken aan je conditie en/of lopen weer opbouwen

Behalve fitnessaparatuur zoals de loopband of de hometrainer e.d. zijn er ook verschillende therapieën in groepsverband. Zo is er de groep die zich bezig houdt met valpreventie, Die heb ik zelf niet gehad maar mensen van mijn afdelingen weer wel vandaar dat ik hem weet te noemen, wat ik wél 1 keerheb gehad is een groep die in ging op verschillende aspecten van het lopen in het lopen in het  dagelijks leven zoals bv slenteren op een drukke markt waarbij je rekening moet houden met het looptempo van anderen. Deze groepstherapie kon ik weinig mee vandaar dat ik die maar1 keergedaan heb. Ik vond (ondanks dat ik niet echt een wandelaar ben) de wandelgroep veel leuker en geschikter voor mezelf. Onder begeleiding van therapeuten wandelden we buiten op het grote terrein waar wandelpaden in verschillende kleuren pijlen waren aangegeven. Elk pad/pijl had zijn eigen lengte en heuvels.

Daarnaast was er ook nog het zwembad waar 1 groot en 1 kleiner bad was. Ik heb alleen baantjes getrokken dat zowel goed voor de conditie was maar  ook voor alle spieren en gewrichten in het lichaam. Daarbij leerde ik ook weer iets over mijn minder goede linkerzijde. Met mijn rechterzijde bewoog ik krachtiger waardoor ik aanpassingen moest doen

Voor de Laatste week had ik ‘fietsen’ aangevraagd, als dit me lukte dan kon ik weer iets zelfstandiger worden aangezien ik niet mocht autorijden. (Opmerking achteraf: helaas voelde ik me toch onveilig op de fietsvoorlopig dan maar nog even aanhankelijker wezen, het zij zo)

Zoals ik al zei, in de revalidatiekliniek zijn er talloze mogelijkheden!!

Uiteijndelijk merkte ik ook behoorlijk verschil in de tijd van opknappen, maar daarnaast is het ook veel, heel veel intensiever. Het schema/rooster is haast een werkweek, ik had dagen waar ik om 9 uur moest beginnen en pas om 5 uur klaar was. Het is dan ook meer dan eens voorgekomen dat ik zo in slaap viel als ik kort ging rusten.

Column Marly – Lepeltheorie zondag 14 november 2021

Lepeltheorie



Met de lepel theorie word inzichtelijk gemaakt hoe de dag van een chronisch ziek persoon er uit ziet. Welke keuzen je moet maken om aan het einde van de dag ook weer in bed te komen (gegeten, uitgekleed, gewassen en pyjama aan). Hoe iemand moet om leren gaan met verlies van energie, pijn en keuzes moet leren maken. Belangrijke vermelding: een deel van de patiënten die lijden aan de M.E., of welke chronische ziekte dan ook, hebben helemaal GEEN lepels! Ook belangrijk: Dit is niet mijn eigen verhaal al wordt het in de’ ik-vorm’ voorgedragen.

 

Welke impact kan chronisch ziek zijn, op je leven hebben?

Mijn beste vriendin en ik zaten in een cafetaria te praten. Zoals gewoonlijk was het al laat en we aten Franse frietjes met saus. Vroeger, toen we jong waren, brachten we veel tijd door in de cafetaria in plaats van op school en de meeste tijd spraken we over jongens, muziek of over onbelangrijke dingen die voor ons op dat moment wel belangrijk waren. We waren nooit ergens serieus over.

Ze keek me aan met een vreemde blik.

Toen ik wat medicijnen nam, samen met een snack zoals ik gewoonlijk deed, keek ze me aan met een vreemde blik, starend, zonder verder te praten.
Toen vroeg ze me zomaar, zonder aanleiding, hoe het voelt om NAH te hebben en om ziek te zijn. Ik was ontzet. Niet alleen omdat ze zo onverwacht met die vraag kwam, maar ook omdat ik dacht dat ze alles over NAH en chronisch ziek zijn wist, wat er bekend over was. Ze ging soms met me mee naar de artsen, ze zag me lopen met de rollator, rijden in de scootmobiel, zag me mijn balans kwijt raken,  ze hoorde hoe mijn spraak regelmatig te wensen over liet. Wat was er dan nog meer wat ze moest weten?

Hoe voelt het om NAH te hebben?

Ik begon wat te raaskallen over pillen, vermoeidheid, balans, kort termijngeheugen, ongemakken en in mijn geval soms pijnen, maar ze hield aan en leek niet tevreden te zijn met mijn antwoorden. Toen keek ze me aan met een blik, die ieder ziek mens heel goed kent, de uitdrukking van pure nieuwsgierigheid naar iets wat iemand die gezond is echt niet kan bevatten. Ze vroeg me hoe het voelde, niet lichamelijk, maar hoe het voelde om mij te zijn, ziek te zijn.

Ik probeerde te kalmeren….

Terwijl ik probeerde te kalmeren, keek ik rond naar iets om me te helpen, maar ook om tijd te rekken om te denken. Ik probeerde de juiste woorden te vinden:

  • Hoe beantwoord ik een vraag die ik ook nog nooit voor mezelf heb kunnen beantwoorden?
  • Welke woorden gebruik ik om in detail uit te leggen hoe je iedere dag wordt beïnvloed door je ziekte?
  • Hoe maak je de emoties duidelijk waar een ziek mens mee worstelt, aan iemand die gezond is?

Ik had het op kunnen geven, een grapje kunnen maken zoals ik normaal vaak doe en van onderwerp kunnen veranderen. Maar ik herinner me dat ik dacht: “Als ik niet probeer het haar uit te leggen, hoe kan ik dan van haar verwachten dat ze het begrijpt? Als ik het niet uit kan leggen aan mijn beste vriendin, hoe kan ik mijn wereld dan uitleggen aan iemand anders?” Ik moest het op zijn minst proberen.

Op dat moment werd ‘de lepel theorie’ geboren.

Snel graaide ik alle lepels van de tafel – en zelfs van de andere tafels.

Ik keek haar in de ogen en zei: “Alsjeblieft, je hebt nu NAH. Een beetje verbaasd keek ze me aan, zoals de meesten zouden doen als ze een boeketje lepels in de hand kregen. De koude metalen lepels rinkelden in mijn handen terwijl ik ze bij elkaar pakte en in haar handen legde.

Ik legde haar uit dat het verschil tussen ziek zijn en gezond zijn is, dat een ziek mens keuzes moet maken en constant moet nadenken over dingen, terwijl de rest van de wereld dat niet hoeft. Gezonde mensen hebben de luxe van een leven zonder die keuzes, een gift die de meeste mensen als vanzelfsprekend beschouwen.

Gezondheid is niet zo vanzelfsprekend!

De meeste mensen beginnen hun dag met een onbeperkte hoeveelheid mogelijkheden en energie om te doen wat ze maar willen, met name jongeren. Over het algemeen hoeven ze zich geen zorgen te maken over de effecten van hun bezigheden.

Dus gebruikte ik de lepels om dit duidelijk te maken. Ik wilde voor haar iets om vast te houden en dat ik weg kon nemen, omdat de meeste mensen met een chronische ziekte een gevoel van verlies ervaren van het leven dat ze tot dan toe kenden. Als ik de controle van het wegnemen van lepels bleef houden, dan zou ze weten hoe het voelt dat iemand of iets, in dit geval NAH, controle over je leven heeft.

Enthousiast pakte ze de lepels aan.

Ze had geen idee van wat ik aan het doen was, maar ze is altijd in voor leuke dingen. Ik geloofde dat ze dacht dat ik een grapje maakte, zoals ik normaal gesproken doe bij gevoelige onderwerpen. Ze had niet in de gaten hoe serieus ik zou worden.

Ik vroeg haar de lepels te tellen. Ze vroeg waarom en ik legde haar uit dat als je gezond bent, je verwacht een oneindig aantal lepels te hebben. Maar als je de dag zorgvuldig moet gaan plannen, moet je precies weten met hoeveel lepels je de dag start. Het is geen garantie dat je er onderweg niet nog een paar lepels verliest, maar het helpt wel om te weten waar je vanuit kunt gaan. Ze telde: 12 lepels. Ze lachte en zei dat ze er meer wilde hebben. “NEE”, zei ik. Ik wist meteen dat dit spelletje zou werken, toen ze teleurgesteld keek – en we waren nog niet eens begonnen!

‘Ik wil al jaren meer lepels en heb nog geen manier gevonden om er meer te krijgen, dus waarom zou zij er wel meer krijgen? Vervolgens vertelde ik haar dat ze zich er altijd bewust van moest zijn hoeveel ze er nog had. En dat ze ze niet mocht laten vallen, omdat ze nu NAH heeft en dus spaarzaam met haar lepels om moet gaan.

Wat doe jij op een dag?

Ik vroeg haar, haar dagelijkse bezigheden te vertellen, inclusief de simpelste dingen.

Terwijl ze ratelde over alle dagelijkse en leuke dingen, legde ik haar uit dat iedere bezigheid haar een lepel zou kosten. Toen ze meteen vertelde over het op weg gaan naar haar werk, onderbrak ik haar en pakte een lepel af. Ik vloog haar bijna aan.

Ik zei: “NEE! Je staat niet zomaar op. Eerst doe je moeizaam je ogen open, je komt er achter dat je te laat bent doordat je slecht geslapen hebt. Je kruipt moeizaam uit bed en je moet eerst zorgen dat je iets eet voor je iets anders kunt doen, want als je niets eet kun je ook je medicijnen niet nemen, en kun je meteen alle lepels van vandaag inleveren, en die van morgen ook.”

Ik nam snel een lepel weg en ze realiseerde zich dat ze zich nog niet eens had aangekleed. Douchen kost haar een lepel, alleen maar voor het wassen van haar haren. In werkelijkheid zou het hoog reiken van de armen tijdens het haren wassen en het laag reiken om haar voeten af te drogen wel eens meer kunnen kosten dan 1 lepel, maar dat liet ik maar even zitten. Ik wilde haar niet meteen bang maken.

Het aankleden kostte haar alweer een lepel.

Ik hield haar weer even tegen en bracht iedere kleine stap in het proces ter sprake om haar duidelijk te maken dat ze over ieder detail moest nadenken.

Ik denk dat ze het begon te begrijpen ……

Toen legde ik haar uit dat ze de rest van haar dag precies uit moest uitstippelen, want als de lepels op zijn, zijn ze ook echt op. Soms kun je de lepels van de volgende dag lenen, maar bedenk dan hoe moeilijk die dag zal zijn als je start met nog minder lepels. Ook moest ik haar uitleggen dat iemand die ziek is, altijd leeft met de dreigende gedachte dat morgen misschien de dag is dat je verkouden wordt, een ontsteking oploopt of dat je iets anders overkomt dat voor een chronische zieke gevaarlijk kan zijn.

Dus je wilt nooit met te weinig lepels komen te zitten, omdat je nooit weet wanneer je ze echt nodig hebt. Ik wilde haar niet ontmoedigen, maar ik moest realistisch blijven en jammer genoeg is voorbereid zijn op het ergste een normaal onderdeel van een normale dag voor mij.

We namen de rest van de dag door …..

Langzaam aan leerde ze dat het overslaan van de lunch haar weer een lepel zou kosten, evenals een standplaats in de trein, of zelfs te lang typen op de computer.
Ze werd gedwongen keuzes te maken en op een andere manier over dingen na te denken.

Theoretisch gezien moest ze zelfs de keuze maken om maar geen boodschappen te doen, zodat ze die dag nog kon avondeten. Toen we bij het einde van haar doe-alsof-je-NAH-hebt-dag kwamen, zei ze dat ze honger had. Ik maakte haar erop attent dat ze nog warm moest eten, maar dat ze nog maar 1 lepel over had. Als ze zou koken zou ze geen energie (lepels) meer over hebben om de afwas te doen. Als ze uit eten zou gaan, zou ze misschien te moe kunnen zijn om veilig in de auto naar huis te rijden. Toen zei ik tegen haar dat ik nog niet te moeite had genomen om haar in dit spel te vertellen dat ze ook nog eens zo misselijk was, dat koken al niet meer aan de orde was. Ze besloot soep te maken, omdat dat makkelijk was.

Ik zei tegen haar dat het pas 19.00 uur was, je hebt de rest van de avond nog maar 1 lepel, dus kun je misschien iets leuks doen, of je tv kijken, huis poetsen, of gaan zingen bij je koor, maar je kunt het niet allemaal doen.

Zelden zag ik haar emotioneel ……

Ik wilde niet dat mijn vriendin overstuur raakte, maar tegelijkertijd was ik blij dat iemand mij eindelijk een beetje begreep.

Ze had tranen in haar ogen en vroeg: “Hoe doe je dat? Moet je dit werkelijk iedere dag zo doen?”

Ik legde haar uit dat sommige dagen slechter gaan dan andere; op sommige dagen heb ik meer lepels dan op andere. Maar ik kan het nooit achter me laten en nooit vergeten, ik moet er altijd bij nadenken. En heel af en toe verdwijnt er structureel een lepel, die je nooit meer terug krijgt. Ik gaf haar een lepel die ik stiekem achter de hand had gehouden. Ik zei simpelweg: “Ik heb geleerd om te leven met een extra lepel in mijn zak als reserve. Je moet altijd voorbereid zijn.”

Het allermoeilijkste wat ik moet leren….

Het is moeilijk. Het allermoeilijkste dat ik heb moeten leren is om het kalm aan te doen en niet alles te willen doen.
Daar vecht ik iedere dag tegen.

Ik haat het buitengesloten te worden, thuis te moeten blijven terwijl ik weg zou willen gaan, dingen niet gedaan te kunnen krijgen omdat het niet gaat. En wilde dat ze de frustratie voelde. Ik wilde dat ze begreep, dat alles wat iedereen doet zo gemakkelijk gaat, maar dat het voor mij honderd kleine taken zijn in één. Ik moet aan het weer denken, mijn temperatuur die dag en alle plannen voor de hele dag, voordat ik iets kan gaan doen. Terwijl andere mensen gewoon dingen kunnen doen, moet ik erbij stilstaan en plannen alsof ik een strategie ontwikkel voor een oorlog. Het verschil tussen ziek en gezond zijn is die levensstijl.

Voor gezonde mensen is er de wonderbaarlijke vrijheid om niet hoeven te denken maar gewoon te doen. Ik mis die vrijheid. Ik mis het nooit lepels te hoeven tellen.

Nadat we allebei wat emotioneel waren ….

.. en we er wat langer over doorpraten, merkte ik dat ze verdrietig was. Misschien begreep ze het eindelijk.
Misschien realiseerde ze zich, dat ze nooit oprecht zou kunnen zeggen dat ze het écht helemaal begreep. Maar ze zou tenminste niet meer klagen, als ik weer eens niet met haar uit eten kan of wanneer ik nooit eens bij haar persoonlijk te kunnen langsgaan en zij steeds bij mij moet komen.

Ik knuffelde haar toen we de cafetaria uitliepen.
Ik had die ene lepel nog in mijn hand en zei: “Maak je geen zorgen, ik zie dit als een zegen, ik ben gedwongen over alles wat ik doe na te denken.
Weet je wel hoeveel lepels sommige mensen iedere dag verspillen?

Ik heb geen ruimte voor verspilde tijd of verspilde lepels, ik heb er nu voor gekozen deze tijd met jou door te brengen.”

Nogmaals !Voor alle duidelijkheid dit is niet mijn levens verhaal!!

 

 

Gedicht Marly – Alleen zijn – Zondag 07-11-2021

Alleen zijn…..
 Alleen zijn is niet altijd maar alleen
Alleen zijn is genieten van de wereld om je heen
Genieten van het leven dat je gegeven is
Van het leven dat misschien wel veranderd is
Omarm die verandering in je leven
Die jaren vol verandering zijn je toch gratis gegeven
 
Alleen zijn is niet altijd maar alleen
Alleen zijn is genieten van de wereld om je heen
Genieten van het moment waarop je jezelf eens mag verwennen
Een moment waarop je jezelf mag zijn, zoals anderen je niet kennen
Geniet van dat moment in je leven
Dat moment is je toch gratis gegeven
 
Alleen zijn is niet altijd maar alleen
Alleen zijn is genieten van de wereld om je heen
Genieten van een tijd waarin je kunt doen wat je zelf wil
Tijd om te huilen of te schreeuwen, te dansen of te zingen, niemand die roept ‘wees stil’
Geniet van dat eigen gevoel in je leven
Dat gevoel is je toch gratis gegeven
 
Alleen zijn is niet altijd maar alleen
Alleen als je alleen bent met jezelf, ben je met je zelf ‘één’
 
Marly van der Wijk 20 januari 2017

 

Column Marly – Breingrepen (vervolg) Zondag 10 oktober 2021

Breingrepen (vervolg)

Enkele weken geleden heb ik jullie verteld over mijn therapie Breingrepen. Hier krijgen jullie nu een vervolg op. De laatste keer kwam het er op neer dat wij te vaak doen wat voor andere mensen wenselijk is, zonder dat we daarbij rekening houden met hoe het voor ons wenselijk is.

In principe komt het er op neer dat wij rustig mogen vragen voor meer informatie, informatie op papier vragen of zelf aantekeningen maken. In elk geval zodanig dat het voor ons ook duidelijk is. Plus op of in een tempo waarbij het voor ons ook lukt. Helaas beschikken we immers niet meer over een snel tempo zoals voorheen en de meesten beschikken helaas ook niet meer over een zo’n sterk geheugen zoals voorheen. DUS moeten we (zoals Hub van Lankveld vorige week uitlegde) dat gaan compenseren op andere manieren.

En het handigste hierbij zijn de hulpmiddelen. Er zijn heel veel hulpmiddelen, velen ervan gebruiken we al van voor de jaren dat het nodig werd voor ons. Denk bijv aan een kalender… Het is niet dat we dit nu pas zijn gaan gebruiken.

Andere hulpmiddelen zijn de computer of voor velen, waaronder ikzelf, de smartphone. Sinds mijn eerste infarct zijn de smartphone en ik dikke vrienden geworden!. Mede omdat er tegenwoordig zo ongeveer voor elk wat wils aan apps bestaat. Een agenda, een notitieboekje, een medicatie app, waar je ook nog overal een alarm bij kunt instellen.

Onze therapie Breingrepen richt zich uiteraard niet alleen op hulpmiddelen op apps, hoe handig die ook zijn.

Nee, het richt zich ook op het geweldige feit dat we het probleem nu eenmaal hebben en dat acceptatie ervan heel belangrijk is. Hoe beter je het kunt accepteren en er op andere manieren mee leert omgaan, hoe makkelijker het voor jezelf wordt. Het is toch alleen maar fijn als je je niet elke keer over iets ergert?! Vraag dus inderdaad vaker om hulp,, vraag voor meer info of meer tijd. Vraag zelfs of iemand je ergens aan wilt laten herinneren, bv aan de tijd.  Een andere handigheid voor het geheugen, kan herhaling zijn. Herhaal voor je zelf iets regelmatig, als je een adres wilt onthouden herhaal je enkere keren straat en huisnummer. Doe dit 10 minuten later nog eens. Een andere handigheid is om een ezelsbruggetje te zoeken om iets te onthouden. Laten we het adres als voorbeeld houden voor het gemak. Nu heb je zelf ook ooit in die straat gewoond of een famielilid woont er. En het huisnummer is het getal van jouw verjaardag. Als je dit bij elkaar brengt.. wedden dat het je dan beter lukt om te onthouden?

Nu gaat dit niet voor elk wissewasje op maak je kunt wel proberen om het tot een eigen handigheidje te maken en waar het niet helpt, zorg er dan voor een notitieblokje of je smartphone bij de hand te hebben

Column Marly – Mopperen/piekeren – Zondag 19 september 2021

Column Marly – Mopperen/piekeren – Zondag 19 september 2021

Ik heb geen idee hoe het met jullie zit maar als ik naar mezelf kijk, kan ik me op één dag best wat afmopperen. Als ik dingen vergeet, als 30 keer iets uit mijn handen valt, als iets niet gaat hoe ik het wil, als iets niet zo simpel gaat als voorheen enz enz

Dat ga ik allemaal niet verder uitweiden want iedereen herkent zijn eigen sores en waarschijnlijk zijn eigen gemopper wel.

Maar aangezien al dat gemopper mijn humeur en dus energie kostte, heb ik daar iets op gevonden.

Dat kwam eigenlijk heel toevallig.. Terwijl ik een keer het radioprogramma Luister naar NAH aan het voorbereiden was, had ik het over voornemens voor het nieuwe jaar. En toen dacht ik: laat ik me eens voornemen minder te mopperen. Maar hoe pak ik dat aan?

Zo stond er in de voorbeelden van voornemens om je iets aan te wennen om 1x per dag te doen… bv een wandelingetje na het avondeten.

En toen dacht ik.. dat is het! Ik ga proberen om mijzelf toe te staan 1x per dag te mogen mopperen. Zo stevig als ik wil ! Schelden, huilen, wat ik wil ! Als het maar 1x per dag is.

En geloof me… dat helpt!!

Als ik nu opsta en er gebeurt iets waardoor ik normaal zou mopperen, dan denk ik eerst even na… Is hetgeen wat me gebeurt om mijn moppermoment al te gebruiken?? Nou, eerlijk gezegd, meestal niet.

En zo ga ik de dag verder, bij elk moment denk ik na of ik mijn moppermoment al wil gebruiken.

Uiteindelijk kom ik de meeste dagen door zónder ook maar 1 moment te mopperen.

Daar tegenover staat af en toe wel ook een echte mopperdag gepland… nou ja gepland is het foute woord. Het is een baaldag, als ik een baaldag heb, sta ik me toe om op zo’n dag te mopperen hoeveel ik wil. Dat moet dan ook kunnen vind ik zelf. Dat heb ik dan wel ook weer verdiend.

Voor mij werkt dit echt heel goed en ik kan het iedereen aanraden !

Juist doordat ik veel minder mopper, merk ik dat ik veel positiever in het leven sta. Dat heeft ook alles ermee te maken dat ik die negatieve energie meteen kwijt ben omdat ik het besluit neem dat het nog niet mopper-moment-waardig is.

Overigens kan ik datzelfde ook aanraden wat piekeren betreft. Neem 1 vast piekermoment op een dag. En ook daarbij kun je nog iets extra doen.

Stel jezelf de vraag: Kan ik hetgeen waar ik over pieker veranderen? Zo ja! Hoe? En verander dat dan ook.

Zo nee! Dan moet ik het gaan loslaten!

Makkelijker gezegd dan gedaan, dat weet ik. Maar als je op deze manier leert om er mee om te gaan, merk je uiteindelijk dat je wél makkelijker dingen leert neer te leggen. Juist omdat er geen oplossing voor is. Vaak is het verloop van tijd belangrijker. En ook hier kun je de uitzondering maken om op je baaldag te piekeren zoveel je wilt, pieker en mopper er maar op los !!

Ik hoop dat jullie hier iets aan hebben en als extraatje heb ik nog een passende spreuk van de week hier bij: Piekeren neemt de zorgen van morgen niet weg maar wel de kracht van vandaag

Column Marly – Resumé Hersencoach – Zondag 12 september 2021

Resumé Hersencoach

Je hersenen fit houden?
Maak er een gewoonte van!
Meedoen aan de HersenCoach is een belangrijke eerste stap om je hersenen fit te houden. Nu is het belangrijk om vol te houden.

Je hebt al geleerd dat kleine aanpassingen in het dagelijks leven een groot verschil kunnen maken.

Laat je niet uit het veld slaan als je niet direct merkbare verbeteringen ziet. Want ook al merk je het nu nog niet, de tips uit deze training hebben wel degelijk invloed op de gezondheid van je hersenen

3 tips om gewoontes op te bouwen

De meeste mensen vinden veranderen lastig. Met deze tips werk je in kleine stapjes aan gezondere hersenen!

1.  Ga met kleine stapjes aan de slag en maak het leuk
Kies een of twee concrete doelen waar je de komende tijd mee aan de slag wilt. Maak ze niet te groot, zorg dat elke stap haalbaar is.

2.  Zoek een medestander
Om samen mee te wandelen, recepten uit te wisselen of nieuwe dingen te ondernemen.

3.  Bouw nieuwe rituelen in
Door op vaste momenten te ontspannen of te bewegen of het aan het begin van de week in te plannen.

Puzzelboekje | Hersenkrakers is via de hersenstichting online te bestellen 

www.hersenstichting.nl

Column Marly – Verlangen naar het leven van voorheen – Zondag 5 september 2021

Klik hier voor de blog van Marly

Verlangen naar het leven van voorheen

Iedereen met hersenletsel herkent de verzuchting ‘ik wil mijn leven terug‘ wel. Datzelfde heb ik járen geleden wel gehad. Nú niet meer!

Begrijp me niet verkeerd, natuurlijk zou ik dingen héél graag anders zien, maar wat levert het me op om het het anders te willen hebben? Helemaal niets! Het kost me juist meer, meer emoties en meer energie terwijl het leven er niet anders of beter op wordt.

En heeft dat leven van eerder me niet ook juist in deze situatie gebracht? Gerookt, (te) veel gewerkt, niet gesport, niet altijd even goed gegeten…

 

En naar wélk leven zou ik dan terug willen? Vóór 2018 (laatste herseninfarct) Vóór 2015 (voorlaatste herseninfarct)

Vóór 2012 (de start van alles)

Als ik heel eerlijk diep van binnen kijk, kan ik me dat leven van voorheen (voor 2012) nog niet eens fatsoenlijk voor de geest halen.

En nóg eerlijker, ik weet dat het vele werken me begon op te breken.. ik bedacht me al geruime tijd of ik niet toch zou gaan stoppen met het één of ander. Maar ik wist geen keuze te maken waarmee? En hoe? Ik bedoel, inkomen had ik nodig én ik had een goed loon, dus stoppen met werken was geen optie voor me. Misschien minderen? Mijn vrijwilligerswerk viel ook niet te kiezen. Ik deed het zo graag!

Stress had ik niet voor het kiezen, dat kreeg ik gratis en voor niks voor de kiezen.

Kom ik opnieuw op de vraag uit: naar welke tijd van voorheen zou ik terug willen?

 

Laat ik de vraag eens anders stellen: wát zou ik graag anders willen?

Een vraag die ik niet snel en kort kan beantwoorden, ik zou best veel willen veranderen.

Ten eerste zou ik graag meer energie willen, niet alleen maar moe moe en nog eens moe zijn.

Op de tweede plek staan de prikkelverwerking en concentratie te springen om daar thuis te horen. Met verbetering van deze twee zou mijn geheugen ook erop vooruit gaan, denk ik maar hoopvol.

Wat ik ook fijn zou vinden, zou een eind aan mijn slikstoornissen zijn, gewoon zonder angst en nadenken kunnen eten wat ik wil. Dat zijn er 6.. als 7e mag mijn aangezichtsverlamming ophoepelen. Niet alleen sta ik dan leuker op foto’s maar dan zie ik ook wat vriendelijker en gelukkiger uit.

Maar ik ben nog niet klaar: mijn fijne motoriek mag ook beter worden en dat dan de linker- en rechterhand wat beter samenwerken. Oja, nog een hele belangrijke.. mijn balans zou ik ook graag terug willen

En zo kom ik aan het einde van deze fantasie, want dat ís het pure fantasie!

Daarentegen kan ik ook wel van alles verzinnen wat ik zónder klachten niet gehad zou hebben. Zo zou ik nóóit begonnen zijn aan schilderen. Ik zou veel minder tijd hebben en absoluut gestresst zijn. Nu ben ik veel gemoedelijker en dat bevalt me stukken beter aan mezelf.

Hoe gek het ook klinkt, ik wil mijn leven van nu niet opgeven! Ik ben gelukkig hoe ik ben ! Ik geniet zo goed mogelijk van alles wat op mijn pad komt en bedenk me dat ik er ook zomaar niet meer had kunnen zijn.

En ik weet zeker dat als er ongelukkigerwijs nóg een CVA op mijn weg zou komen, ik net zo hard weer ga knokken om dit gelukkige gevoel terug te krijgen. Uiteindelijk is het dit waard !!

 

Column Marly – De Hersencoach week 5 Zondag 29 augustus 2021

De Hersencoach – week 5 – De laatste uitdaging

De HersenCoach zit er bijna op!

Als we even terugkijken.. welke uitdagingen hebben we dan gehad?

Week 1 zijn we aan de slag gegaan met stress en ontspanning

Week 2 ging over voeding

Week 3 zijn we ingegaan op slapen

Week 4, afgelopen week kregen we een mentale uitdaging

Als we nu alles op een rijtje zetten is er 1 onderwerp wat we nog niet gehad hebben.. juist ja.. beweging !

Deze laatste wordt dus een actieve uitdaging. Mooi, want beweging is enorm belangrijk voor je hersenen.

Bewegen zorgt ervoor dat je hersenen goed doorbloed raken en genoeg voeding en zuurstof krijgen. Ook zorgt beweging voor de aanmaak van nieuwe hersencellen én versterkt het de verbindingen tussen die hersencellen. Goed voor je denkvermogen en minder kans op ziektes.

De beweegrichtlijnen van de Gezondheidsraad geven aan dat je per week tenminste 2,5 uur matig intensief moet bewegen.

In dit laatste filmpje is Erik Scherder aan de beurt met uitleg. Overigens, dat had ik nog niet verteld, overigens is die filmpje ook in een prikkelarme versie te bekijken.

Als Ommetje-gebruiker ben jij al actief bezig. Als je de app dagelijks gebruikt, beweeg je namelijk al zeker 20 van de 30 aanbevolen minuten. Maar hoe kom je bij (of voorbij) dat half uur? Dat ga je vandaag ontdekken.

Bekijk onderstaande uitdagingen en vink er één aan waarmee je deze week aan de slag gaat. Je krijgt dan meteen handige tips die je helpen volhouden.

 

 

Selecteer jouw persoonlijke uitdaging:Deze vraag is verplicht

*

A

Uitdaging 1. Doe iedere ochtend een 15 minuten work-out. Dit kan met een app of een YouTubevideo, maar ook met ‘Nederland in Beweging’. Dit tv-programma is iedere ochtend te zien op NPO1, maar je kunt de afleveringen ook gratis streamen.

B

Uitdaging 2. Laat de auto staan. Vervang korte ritjes met de auto de komende week door een wandeling of fietstochtje. Zo kom je aan jouw dagelijkse portie beweging terwijl je andere dingen doet. Boodschappen doen bijvoorbeeld, of langsgaan bij een vriend.

C

Uitdaging 3. Knap je tuin op. Heb je groene vingers? Geef je tuin een make-over! Met onkruid wieden en bloemen planten ben je actief bezig zonder dat je het door hebt.

D

Uitdaging 4. Neem de trap. Laat de lift en de roltrap de komende week links liggen en kies voor de trap! Dat is zo gedaan en draagt bij aan je fitheid.

E

Uitdaging 5. Probeer een nieuwe sport. Hou jij van een beetje extra uitdaging? Doe dan die ene sport die je altijd al eens hebt willen proberen. Neem een oefenles tennis, ga paardrijden of maak een afspraak met een trainer op de sportschool.