Column Marly – Omgaan met stress zondag 29 november 2020

Omgaan met Stress

Na vorige week over de thuiswerkstress in deze coronatijd gesproken te hebben, kijken we vandaag naar de tussen aanhalingstekens ‘gewone’stress. Stress die onstaat of je nu werkt of niet.

Omgaan met stress lijkt ingewikkelder dan het is. Door strategische stappen te zetten kun je slimmer omgaan met stress en je snel kalmer en blijer voelen.

Omgaan met stress, het gaat niet vanzelf weg

Nou ja, uiteindelijk verdwijnt die stress heus wel. Maar je wilt niet wachten tot de stress vanzelf verdwijnt. Nee, je wilt leren beter om te gaan met stress zodat je je nu kalm en blij kunt voelen.

Dus laten we dat doen. Beter omgaan met stress zodat het leven weer leuk en licht wordt, terwijl je tegelijkertijd gewoon je leven kunt leiden.

Slim omgaan met stress betekent dat je beter wordt in plannen. Heel simpel en logisch. Want weet je – stress afbouwen kost grofweg net zoveel tijd als stress opbouwen.

Als je je een slag in de rondte werkt dan bouw je stress op. Als je vervolgens nauwelijks tijd neemt om te herstellen, dan bouwt de stress niet voldoende af. Waardoor je in de problemen komt.

Dus? Dus plan bewust momenten van herstel in. Neem een paar minuten de tijd om een weekplanning te maken. Het is belangrijk dat je ruimte maakt voor de zogenoemde anti-stress-S-en.

De 4 anti-stress-S-en

  1. Slaap– Slaap zo lang als je nodig hebt om je uitgerust te voelen. Maak voldoende slapen een prioriteit. En als je er baat bij hebt: doe af en toe een dutje. Een kwartiertje dutten links en rechts doet wonderen voor je stressniveau. Als je voldoende slaapt kun je geen burn-out krijgen. Klinkt simpel.
  2. Sport– Een geweldige manier om stress versneld te ‘verbranden’. Zorg minimaal één keer per week voor een stevige work-out. Regelmatig hardlopen vermindert je kans op burn-out bijvoorbeeld met 50%. Dat is bést fijn, al is dit niet voor iedereen van ons Lotgenoten nog weggelegd, hardlopen en een stevige work-out bedoel ik
  3. Stilte– Maak dagelijks minimaal 10 minuten vrij om te mediteren. Beter nog: Mediteer een kwartier voor je dag begint en een kwartier voordat je gaat slapen. Het houdt je brein kalm en geeft je een gezonde basis van waaruit je je dag (en nacht) tegemoet kunt treden.
  4. Spelen– Zorg dat je een paar keer per maand een hele dag niets Een dag waarop je gewoon doet waar je zin in hebt, zonder verplichtingen. Plan het bewust in, want zulke dagen ontstaan meestal niet uit zichzelf. Speel en wees lekker lui. Werk is verboden op dagen als deze.

En weet je wat zo leuk is? Deze vier gewoontes helpen je omgaan met stress en maken je tegelijkertijd succesvoller, creatiever, blijer en productiever. Theoretisch in elk geval, of dat voor ons in de praktijk ook zo werkt, durf ik niet gelijk te garanderen

Je bent een mens – geen robot. Je kunt niet altijd werken, altijd productief zijn. Deze simpele gewoontes helpen je beter functioneren als mens, op al je levensgebieden.

  1. Maak je problemen klein en tastbaar

Ja. Hoe kleiner je je problemen kunt maken, des te minder stress ze je geven. Vraag je niet af hoe je dat enorme project in hemelsnaam op tijd af kunt krijgen. Vraag je af: ”wat is de volgende kleine stap die ik kan zetten?”

Misschien is het antwoord: een planning maken. Goed. Pak een kop thee en ga zitten om te plannen. Meer niet.

Hoe kleiner je je problemen maakt, des te makkelijker je ze oplost en des te minder stress het je oplevert. Dat is de grap van de kleine stap.

  1. Relativeer

Hoe groter en belangrijker we onszelf en ons werk maken, des te meer stress we ervaren.

Ik zal een voorbeeld uit de eigen ervaring nemen.

Net als velen onder ons heb ik zeer regelmatig een probleem met opstaan en de dag beginnen.

Nu kun je denken: pffff nu moet ik weer aan de gang met die hele zelfverzorging. MAAR je kunt het ook op delen in stapjes en het in kleine stappen doen.; Zo, nu ga ik me eerst even wassen. Als je gewassen bent en even rustig gezeten hebt: Zo, nu ga ik me aankleden. En zo ga je vervolgens verder met steeds en klein stapje erbij totdat je het zelf voldoende vindt. Je hoeft je niet elke dag op te maken bijvoorbeeld. Het is nét wat je zelf wilt die dag.

Beter omgaan met stress betekent jezelf, je werk en je leven wat minder serieus nemen. Dat je inziet dat je werk belangrijk is, maar dat andere dingen kunnen zijn die belangrijker zijn.

Wat voor dingen?

  • Je relaties.
  • Je gezondheid.
  • De mate waarin je geniet van je leven.
  • Tijd doorbrengen met je kinderen.
  • Een positieve bijdrage leveren.

Het punt is: als je constant gestrest bent dan lever je geen positieve bijdrage. Misschien wel op je werk. Maar je leven is meer dan je werk alleen.

Onthoudt: je werkt om te leven, je leeft niet om te werken !!!

Je gestreste houding is als vergif voor je geluk, je gezondheid en je relaties. Gebiéden die uiteindelijk belangrijker zullen blijken dan je succes of je inkomen.

Leer de boel in het juiste perspectief te plaatsen. Geld, succes, status, roem, populariteit, winnen – díe dingen zijn leuk. Maar ze zijn niet alles. Ze vormen niet het doel van je leven. Ze brengen je uiteindelijk niet de voldoening waar je naar zoekt.

Vergeet de 4e S niet :ja.- En dat is spelen. Als je beter wilt omgaan met stress dan moet je spelen. Ik noemde het al in de 4 S-en, maar ik licht het nogmaals uit omdat de meeste mensen spelen lang niet serieus genoeg nemen. Als volwassene denk je niet meer te mogen spelen. Waarom niet? Ga met je (klein)kinderen verstoppertje spelen, speel tikkertje, spring samen eens op de trampoline Ga samen van een glijbaan… wedden dat het leuke momenten oplevert?

 

 

Column Marly – Bericht van de Hersenstichting met tips voor Thuiswerkstress ivm Coronaregels

Audio staat onder tekst

Tips om in deze bijzondere tijd ontspanning te creëren voor de hersenen 

Afgelopen week was het de Week van de (Thuis)werkstress. Doel hiervan was om werkenden en werkgevers bewust te maken van de mogelijkheden om een gebalanceerd (werk)leven te leiden, zodat men juist ook in deze bijzondere periode in balans blijft en minder werkstress ervaart. Samen met psychiater, stressexpert en onderzoeker, Christiaan Vinkers, heeft de Hersenstichting enkele tips op een rij gezet om tijdens de huidige thuiswerkdagen zo veel mogelijk ontspanning te creëren voor de hersenen.  

Voor ons is dat uiteraard een goede reden om er in dit radioprogramma aandacht aan te besteden.

Ik zal niet op iedere tip heel diep ingaan, alle informatie staat op de pagina van de Hersenstichting en plaats ik vanzelfsprekend ook op onze website.

“Iedereen heeft weleens stress”, Zegt Christaan Vinkers. “Dat is helemaal niet erg, en in veel gevallen zelfs goed voor je. Stress zorgt ervoor dat je hormonen aanmaakt, die je helpen om sneller te reageren, scherper te denken en beter te zien en te horen. Heel erg handig, in spannende situaties en bij gevaar. Maar soms duurt de stress te lang.”

Stress in de hersenen 

Stress is van grote invloed op het functioneren van je hersenen. Allerlei gebieden in de hersenen werken samen bij spanning én ontspanning. Wanneer je stress ervaart, bijvoorbeeld door een conflict op je werk of een onoplettende fietser, wordt een stressreactie in je hersenen geactiveerd. Tijdens deze reactie maken je hersenen stresshormonen aan, zoals adrenaline en cortisol. Door deze stofjes komt er energie vrij. Deze extra energie is nodig voor je spieren, je denkprestaties, zintuigen en reactievermogen. Hierdoor kun jij bijvoorbeeld net op tijd wegspringen voor die fietser of een sprintje trekken naar de trein, zodat jij op tijd bent voor dat belangrijke sollicitatiegesprek.

Stress is dus heel belangrijk en nuttig. Sterker nog, je kunt niet zonder. Het zorgt voor energie, focus en prikkelt je lichaam en geest. Af en toe een beetje stress is dus helemaal niet erg. Zolang je hersenen voldoende rust en ruimte krijgen om te herstellen, is er niks aan de hand.

Wil je tips over hoe je jouw hersenen voldoende rust kunt geven? Bekijk dan eens onze pagina over ontspanning.

Thuiswerkstress  

Juist nu, is het soms lastig ontspannen. Angst en zorgen om corona, een gebrek aan controle over de situatie, minder structuur en een totaal veranderde leefomgeving vallen bij sommige mensen zwaar. Daarnaast werken veel mensen momenteel thuis en dat kan zorgen voor een toename in werkdruk en stress. Werk en privé lopen meer dan ooit door elkaar heen, sociale contacten ontbreken, er is veel afleiding van bijvoorbeeld kleine kinderen of huishoudelijke taken en het videobellen is voor de hersenen veel vermoeiender dan een persoonlijke meeting.

Als de stress te lang duurt en je hersenen te weinig ontspannen, staat je stresssysteem constant ‘aan’. Je lichaam kan niet goed herstellen en je hersenen gaan slechter functioneren. Extra belangrijk dus, om juist nu te zoeken naar de juiste balans! De Hersenstichting helpt met een aantal praktische thuiswerktips.

Aandachtspunten voor gebalanceerd thuiswerken 

  1. Beweging

Onderbreek het lange zitten en het staren naar een beeldscherm regelmatig om een ommetje te maken. Dat is niet alleen goed voor je lichaam, maar ook voor je hersenen. Regelmatig bewegen zorgt namelijk voor een betere stemming en vermindering van stress. Daarnaast is het goed voor je denkvermogen, bijvoorbeeld je geheugen of concentratie. Plan dan ook elke dag een ommetje in je agenda. Of organiseer af en toe een telefonische meeting, zodat je al wandelend kan overleggen. Extra tip: Loop het liefst een ommetje in de natuur; het heeft een bewezen ontspannen effect. De Hersenstichting heeft zelfs een handige app voor in het leven geroepen. De Ommetje app kan je daarbij motiveren. Deze is gewoon te downloaden in de playstore van je mobiele telefoon.

Maak wandelen nog leuker met de Ommetje-app

Wandelen houdt je hersenen gezond. De app Ommetje motiveert je om dagelijks een ommetje te lopen. Start met vrienden, familie of collega’s een eigen wandelcompetitie of ga de uitdaging aan tegen de rest van Nederland. Zo motiveer je elkaar om dagelijks een Ommetje te maken. De app is ontwikkeld met hoogleraar neuropsychologie Erik Scherder. Hij deelt regelmatig een hersenfeitje. Loop je mee?

Download onze Ommetje app

 

  1. Houd contact

Thuiswerken en videomeetings zorgen er bij veel mensen voor dat gesprekken alleen nog maar over de inhoud gaan. De koffiemomentjes en lunchwandelingen schieten er bij in. Maar je hersenen hebben ook sociaal contact nodig om gezond te blijven. Juist nu is het belangrijk om regelmatig te kunnen praten over hoe je je voelt en wat de huidige situatie met je mentale gezondheid doet. Plan daarom af en toe een telefoontje met een collega en spreek van tevoren af om niet over werk te praten. Of start een meeting 5 minuten eerder, zodat je eerst even kan bespreken wat je in het weekend hebt gedaan. Praten over hoe je je voelt helpt. Er zijn vast meer collega’s met (te) veel (thuis) werkstress. Vraag daarom eens aan elkaar hoe het gaat en waar de ander tegenaan loopt.

  1. Zorg voor rust en regelmaat in je werkdag  

Je hersenen kunnen niet 8 uur lang onafgebroken efficiënt presteren. Het is belangrijk om daarom af en toe wat rust in te bouwen. Blok momenten voor koffie- of lunchpauze en een ommetje tussendoor. Plan bijvoorbeeld afspraken van 50 minuten in plaats van een uur, zodat je na elke afspraak een momentje hebt om je benen te strekken, op te laden en een kop thee in te schenken. Zo onderbreek je je beeldschermwerk regelmatig. Je hersenen zijn ook niet zo goed in continu schakelen. Het helpt daarom om je werkdag goed te plannen. Blok tijd in je agenda voor die lastige schrijfklus of dat ingewikkelde dossier, en zet alle meldingen uit zodat je niet wordt afgeleid. Zo werken je hersenen het best.

  1. Voeding

Juist in stressvolle periodes is het belangrijk om goed voor jezelf te blijven zorgen. Sommige mensen moeten onder stress niet aan eten denken, terwijl anderen juist meer behoefte hebben aan makkelijk eten zoals snoep en snacks. Probeer zo regelmatig, gevarieerd en gezond mogelijk te eten. Eet veel groenten en fruit, volkoren producten, noten en peulvruchten en goede vetten uit bijvoorbeeld olijfolie of vette vis. Daarmee houd je je lijf en hersenen gezond. Ook is het verstandig bepaalde producten te vermijden. Pas bijvoorbeeld op met koffie, energiedranken en cola. De cafeïne in deze producten zorgt dat je slechter slaapt en kan zelfs voor meer nervositeit zorgen. Drink liever ook geen alcohol. Daarvan slaap je ’s nachts niet diep genoeg, waardoor je de volgende dag minder weerbaar bent.

Meer weten over wat voeding kan doen voor je hersenen? Bekijk dan nu onze webpagina over voeding.

Folder | Hersenen en voeding

Van iedere hap eten die we doorslikken, gaat maar liefst 20% van de binnen gekregen energie naar onze hersenen. Ze verbruiken meer energie dan ieder ander orgaan in ons lichaam. Het is dus niet verwonderlijk…

Ontvang per e-mail

Ontvang via de post

  1. Sluit je werkdag af

Nu werk en privé meer en meer door elkaar heen lopen is het belangrijk je werkdag goed te plannen. Begin en stop je werkdag op vaste tijden, en zet je computer dan ook uit. Als het kan, zorg dan dat je werkplek een afgeschermde plek is waar je buiten werktijd niet te veel tijd doorbrengt. Ben je gedwongen te werken aan je eettafel? Zorg dan dat je je werkspullen aan het einde van elke werkdag uit het zicht opbergt. Zo kan je in de avond rustig ontspannen en zijn je hersenen niet met werk bezig.

  1. Ontspanning

De berichtgevingen in het nieuws zorgen bij veel mensen continu voor (nieuwe) zorgen. Gun jezelf af en toe wat rust, zet het nieuws af en probeer wat te ontspannen. Hoe je ontspant, is voor iedereen anders. Bedenk voor jezelf waar jij blij van wordt en van ontspant.  Neem bijvoorbeeld een warm bad, ga naar yogales, lees een goed boek, ga lekker koken, doe dagelijks meditatie- of ademhalingsoefeningen of luister naar je favoriete muziek.

  1. Nachtrust

In je slaap verwerk je gebeurtenissen en emoties van de dag. Juist nu je onder grote spanning staat extra belangrijk om aandacht aan je nachtrust te besteden dus. Laat de koffie in de middag en avond staan, houd regelmatige bedtijden aan zorg dat je wegblijft van je schermen in de uren voor het slapen gaan.

Bron: Hersenstichting www.hersenstichting.nl

What do you want to do ?

New mail

What do you want to do ?

New mail

What do you want to do ?

New mail

Column / Info van Marly – Neglect

Bij neglect (of spatieel of hemispatieel neglect)  hebben mensen moeite met het reageren of oriënteren op informatie in de omgeving. Vaak is er sprake van verminderde ‘aandacht’ of waarneming aan één bepaalde kant: links of rechts. Het kan gaan om het onbewust ‘negeren’ van  de aangedane zijde, mensen, objecten of gebeurtenissen die zich links (na beschadigingen in de rechter hersenhelft) of rechts (na beschadigingen in de linker hersenhelft) van de persoon bevinden.

Niet alleen zicht, maar ook het gehoor of het bewust zijn van je lichaam kan bij neglect verminderd zijn. Neglect wordt niet veroorzaakt door directe problemen met de zintuigen zoals de ogen of door gezichtsvelduitval (zoals bij hemianopsie waar ik volgende week meer over vertel) of door motorische problematiek, maar door een kink in de kabel bij het beschikbaar maken van de zintuiglijke informatie in de hersenen.

 

Kort na hersenbeschadiging komt neglect net zo vaak voor na beschadigingen in de linker als rechter hersenhelft.  In de chronische fase komt het vooral voor bij beschadiging in de rechterhersenhelft (met uitvalsymptomen links).

 

Neglect wordt gediagnosticeerd met behulp van een neuropsychologisch onderzoek. Er kan bijvoorbeeld worden gevraagd om een plaatje na te tekenen.

 

Zie het plaatje hieronder voor een voorbeeld. Links (a) het is voorbeeld plaatje en rechts (b) is het nagetekend door iemand met linkszijdig neglect.

 

Daarnaast kan neglect ook met een observatielijst worden vastgesteld zoals bijvoorbeeld de Catherine Bergego schaal. Deze lijst signaleert problemen in het dagelijks leven die worden veroorzaakt door neglect, bijvoorbeeld herhaaldelijk vergeten om de linker- of rechterschoen aan te trekken.

 

Neglect komt heel veel voor na een herseninfarct of bloeding, maar kan ook voorkomen na traumatisch hersenletsel, tumoren en aneurysma’s.

Het is lastig om precies aan te geven hoe vaak neglect voorkomt. Dit komt doordat het herkennen van de problemen lastig kan zijn, juist omdat patiënten zich niet bewust zijn van een deel van hun omgeving. Ook speelt mee dat veel mensen met neglect niet goed beseffen dat ze neglect hebben.

 

Dit kan het extra lastig maken om te leren er mee om te gaan. Dit is niet alleen lastig voor jezelf, maar ook voor de familie en omgeving. Daarom is het belangrijk dat er een goede diagnose en voorlichting komt.

Vaak wordt neglect verward met een andere aandoening waarbij men halfzijdig voorwerpen, mensen of het eigen lichaam niet opmerkt doordat de helft van het gezichtsveld is uitgevallen. Dat heet hemianopsie. Lees meer over hemianopsie.

 

Problemen die je kunt ervaren met neglect

Ten opzichte van de omgeving:

 

  • Bij het eten wordt de ene helft van het bord vergeten leeg te eten.

 

  • Bij het scheren wordt maar één helft van het gezicht geschoren.

 

  • Bij het opdoen van make-up wordt maar één kant van het gezicht gedaan.

 

  • Moeite met het vinden van spullen aan één kant van de kamer.

 

  • Tegen dingen aanlopen die aan de aangedane kant staan (obstakels, deurpost).

 

  • In het verkeer is een neglect levensgevaarlijk, omdat verkeersdeelnemers en borden aan de aangedane kant niet wordt waargenomen.

 

  • Kamers en gangen aan bijvoorbeeld de linkerkant worden voorbijgelopen, waardoor mensen de weg kwijtraken.

 

  • Het ‘negeren’ van de mensen in een groep die toevallig aan de verkeerde kant staan. Niet uit onwil, maar omdat ze niet waargenomen worden.

 

  • Iemand kan ook aangeven aan de ene kant niets te kunnen horen terwijl een audiogram aantoont dat er niets aan de hand is met dat gehoor.

 

Ten opzichte van het eigen lichaam:

 

  • In extreme gevallen herkent de patiënt zijn eigen arm en been niet meer als zijn eigen ledematen. Hij heeft het gevoel dat er een vreemd been in bed ligt.

 

  • Vergeet bijvoorbeeld linker of rechterbeen uit bed te zetten of de voet van de rolstoelsteun te halen.

 

  • Als iemand op een stoel zit of op bed ligt, hangt de verlamde arm omlaag. Zo ontstaan snel verwondingen die door het neglect ook minder opgemerkt worden. Iemand kan bijvoorbeeld niet voelen dat de hand vast zit in het rolstoelwiel.

 

Hersengebieden betrokken bij neglect

 

Bij neglect is het hersenletsel vaak juist in de tegenovergestelde hersenhelft. Neglect van de linkerzijde (linkszijdige neglect), komt meestal door schade in de rechterhersenhelft. Linkszijdige neglect komt vaker voor dan rechtszijdige neglect. Dit komt waarschijnlijk doordat de rechterhersenhelft gespecialiseerd is in ruimtelijke waarneming: het weten waar dingen zich bevinden in de omgeving. Schade in de rechterhersenhelft zal dus eerder tot problemen leiden.

 

Er is niet één specifiek hersengebied aan te wijzen dat verantwoordelijk is voor neglect. In veel gevallen is de parietaalkwab beschadigt, maar neglect kan ook voorkomen bij schade aan de frontaalkwab, cingulate gyrus, corpus striatum (onderdeel van de basale kernen) en de thalamus. Al deze hersengebieden zijn onderdeel van het netwerk dat betrokken is bij ruimtelijke aandacht.

 

Tips bij neglect

 

  • Geef mensen met neglect ruim de tijd voor het verkennen van hun omgeving.
  • Gebruik strategieën die helpen je aandacht op de aangedane kant te richten zoals bijvoorbeeld het draaien van je hoofd, van links naar rechts te werken en te werken volgens een vast plan. Bij het eten kan je het bord draaien om te zien of er nog wat op ligt.

 

  • Moedig mensen aan om actief hun visueel vermogen (wat niet aangedaan is) te gebruiken om meer aandacht te richten op de aangedane kant bij activiteiten.

 

Het dragen van een prisma bril wordt momenteel wetenschappelijk onderzocht. Tijdens het dragen van een prismabril wordt het gezichtsveld verschoven in de richting van de niet-aangedane zijde. Wanneer dan de bril wordt afgezet is er een automatische verschuiving van de aandacht in de richting van de neglect zijde. Zie hier ook het filmpje met meer informatieve over prisma-adaptatie.

 

What do you want to do ?

New mail

What do you want to do ?

New mail

What do you want to do ?

New mail

Column Marly – Onderzoek naar vermoeidheid bij NAH

Onderzoek naar vermoeidheid bij NAH middels PsyMate

In de zomer van 2019 is een traject gestart, een onderzoek naar vermoeidheid bij NAH. Dit onderzoek is gesubsidieerd door de Hersenstichting en wordt uitgevoerd door de Universiteit van Maastricht.

Aan dit onderzoek heb ik meegewerkt. Volgende week spreek ik wat uitgebreider over het onderzoek met mijn contactpersoon bij de Universiteit en vraag ik wat er nu met de onderzoeksresultaten gaat gebeuren. Vandaag wil ik jullie uitleggen hoe het onderzoek in zijn werk ging.

Op mijn mobiel werd een app geplaatst, de app PsyMate, speciaal ontwikkeld voor dit onderzoek.

Het onderzoek nam 6 weken in beslag, 3 dagen per week, woensdag, donderdag en vrijdag,  en ging als volgt. De app werd geleverd met een ringtone in de vorm van een fietsbel.

Verschillende keren op een zo’n onderzoeksdag, kreeg je een melding en was het de bedoeling om de vragen in te vullen.

Het waren iedere keer dezelfde vragen. Het begon met wat algemene vragen

  • Hoe tevreden voel je op dit moment?
  • Hoe rustig voel je je?
  • Hoe zelfverzekerd voel je je?
  • Ik voel me prikkelbaar
  • Ik voel me somber
  • Ik pieker

Je gaf het een punt tussen 1 en 7

De volgende rij vragen ging over je bezigheden op dit moment (het moment werd de piep genoemd) je kreeg keuzemogelijkheden

  • Rusten
  • Werken
  • TV
  • Internet/Social Media
  • Praten
  • Ontspanning

 

Daarna ging het over ’waar ben je nu?

  • Thuis
  • Werk
  • Revalidatie
  • Ziekenhuis

Met wie ben je?

  • Alleen
  • Met patner
  • Vrienden
  • Ouders

Hoe voel je je hierin

  • Voel je je op je gemak
  • Was je liever alleen?

Daarna volgden de vermoeidheidsvragen.

  • Hoe vermoeid voel je je lichamelijk?
  • Hoe vermoeid voel je je geestelijk?
  • Heb je je sinds de laatste piep lichamelijk ingespannen?
  • Heb je je sinds de laatste piep geestelijk in gespannen?

Hierbij gaf je weer een punt tussen 1 en 7

Elke week kreeg ik een mail met een persoonlijke terugkoppeling over de resultaten van de afgelopen week. Dit kwam in de vorm van een grafiek met een tekst met uitleg. Ik zal een voorbeeld daarvan op onze website www.luisternaarnah.nl plaatsen.

Elke 2 weken kreeg ik een persoonlijke terugkoppeling in de vorm van een gesprek. Hierin was dan ook de mogelijkheid om vragen te stellen.

Bekeken werd de relatie van vermoeidheid tussen de lichamelijke en geestelijke vermoeidheid. En de relatie van vermoeidheid bij bv emoties en piekergedrag.

Er bestaat uiteraard geen goed of fout, het is immers je gevoel. Als je voor voldoende afwisseling zorgde dan zou het een kabbelend lijntje moeten zijn. Ondanks al mijn jaren ervaring inmiddels was mijn lijntje niet kabbelend te noemen maar had ik veel pieken en dalen helaas.

Het was niet de bedoeling dat je doen en laten aanpaste aan de app en het onderzoek. Als het niet uitkwam, sloeg je de vragen een keer over.

In de periode waar ik deelnam, startte juist de coronacrisis en de lockdown. Naar mijn idee was het onderzoek dan ook iets minder representatief. Aangezien je niet echt onder de mensen kwam en aangezien je geen uitjes maakte..

Dit resultaat vraag ik dan ook graag na volgende week en of en wélk verschil de onderzoekers zien tussen de resultaten van toen en de resultaten van nu? Volgende week dus mijn interview met Ela Savu van de universiteit van Maastricht.


Voorbeeld van terugkoppeling 

Nu gaan we kijken hoe de spreiding van twee types vermoeidheid, geestelijke en lichamelijk is.

2_lichamelijke_ vermoeidheid_histogram

In dit plaatje/deze grafiek wordt een overzicht gegeven van de mate waarin je in de boven genoemde periode lichamelijk vermoeid was. Op de zwarte lijn staat de mate van lichamelijke vermoeidheid, waarbij een 1 betekent dat je geen lichamelijke vermoeidheid hebt ervaren en een 7 betekent dat je zeer veel lichamelijk vermoeid was. Zoals je ziet, zijn er meestal momenten geweest waarin u weinig tot matig  lichamelijke vermoeidheid hebt ervaren. Ook ziet je dat de lichamelijke vermoeidheid niet zo vaak overeen komt met de mate van algehele vermoeidheid.

3_geestelijke vermoeidheid_histogram

In dit plaatje/deze grafiek wordt een overzicht gegeven van de mate waarin je de boven genoemde week geestelijke vermoeid was. Op de gele lijn staat de mate van geestelijke vermoeidheid, waarbij een 1 betekent dat je geen geestelijke vermoeidheid hebt ervaren en een 7 betekent dat je zeer veel geestelijke vermoeid was. Zoals je ziet, zijn er meestal momenten geweest waarin je sterk geestelijke vermoeidheid hebt ervaren. Ook ziet je dat de geestelijke vermoeidheid vaak overeen komt met de mate van algehele vermoeidheid. Op basis van deze grafiek kan je nagaan wat je op de momenten hebt gedaan waarop je sterk vermoeid was.

In onderstaande grafiek kijken we naar de activiteiten die je gedaan heeft en wat het effect hiervan is op vermoeidheid.

  1. vermoeidheid en activiteiten

 

 

In bovenstaande grafiek staat weergegeven jouw ervaren vermoeidheid na huishouden en andere activiteiten. Zoals je ziet, geeft je aan sterker vermoeid te zijn na huishouden dan tijdens anderen activiteiten.

Ook tijdens of na internet, sociale media vermeld je meer vermoeidheid te ervaren dan tijdens andere activiteiten.

5_ vermoeidheid en mate van lichamelijke inspanning

In bovenstaande grafiek staat de mate van lichamelijke inspanning op de blauwe lijn, waarbij een 1 betekent dat u zich helemaal niet hebt ingespannen en een 7 betekent dat u zich zeer veel hebt ingespannen.  Op de zwarte lijn staat de mate lichamelijke vermoeidheid.

We zien dat de mate van lichamelijke inspanning een verband lijkt te hebben met de mate van ervaren lichamelijke vermoeidheid vooral op 25 maart.

7_ vermoeidheid en mate van geestelijke inspanning

In bovenstaande grafiek staat de mate van geestelijke inspanning op de licht groene lijn, waarbij een 1 betekent dat u zich helemaal niet hebt ingespannen en een 7 betekent dat u zich zeer veel hebt ingespannen. Op de gele lijn staat de mate van geestelijke vermoeidheid. De mate van geestelijke vermoeidheid lijkt soms beïnvloed te worden door de geestelijke inspanning, zoals op 27 maart.

8_ vermoeidheid en stemming

In bovenstaande grafiek staat de mate somberheid op de zwarte lijn, waarbij een 1 betekent dat u zich helemaal niet somber voelt en een 7 betekent dat u zich erg somber voelt. Somberheid lijkt niet van invloed te zijn op uw vermoeidheid.

8_ vermoeidheid en hoe veel moeite een activiteit u kost

 

In bovenstaande grafiek staat de hoeveel moeite een activiteit u kost op de gele lijn, waarbij een 1 betekent dat die activiteit helemaal geen moeite kost en een 7 betekent die activiteit erg veel moeite kost. Op sommige momenten is te zien dat de ervaren mate van moeilijkheid van een activiteit van invloed is op uw vermoeidheid.

 

Blok 2: vergelijking met afgelopen weken

In tegenstelling tot de vorige grafieken zal de volgende gaan over de PsyMate 2 gegevens van deze week in vergelijking met de vorige periode.

We zien dat de vermoeidheid van periode 25 tot en met 27 maart van de interventie even veel is dan in het begin van de periode. Er zijn vele pieken en dalen

 

 

What do you want to do ?

New mail

What do you want to do ?

New mail

What do you want to do ?

New mail

Column van Marly – Incontinentie – uitzending 23 augustus 2020

Een vreselijk taboe om in het openbaar te bespreken is incontinentie. Maar het kan wel degelijk een gevolg van hersenletsel zijn. Daarom bespreken wij het dan ook hier in Luister naar NAH.

Door hersenletsel kunnen zenuwbanen van de hersenen beschadigd zijn, waardoor er verminderde controle over de blaas en darmen kan ontstaan of waardoor de controle geheel verdwijnt.

Het kan incontinentie veroorzaken en/ of problemen met het plassen en stoelgang geven. Het beheersen van de blaas is een belangrijke manier om blaasontstekingen te voorkomen. Voor nu bespreken we alleen de urine incontinentie.

 

De klachten kunnen worden opgedeeld in:

  • plotselinge drang om te moeten plassen (urgency)
  • de plas niet kunnen ophouden (urge-incontinentie /aandrangs-incontinentie)
  • vaak moeten plassen per dag
  • nachtelijk plassen (nycturie)
  • de blaas niet kunnen legen
  • blaaskrampen waarbij spontaan urine wegloopt
  • urineweginfectie / blaasontsteking

 

Deze klachten kunnen schaamte veroorzaken, stress geven, een afname van het sociale leven brengen en zelfs tot een depressie leiden.

De hersenen hebben een complexe taak tijdens het vullen van urine in de blaas, gedeeltelijk tijdens het lozen van urine, maar ook de overgang van de ene functie naar de andere.

 

Bekkenbodemtraining kan een mogelijkheid zijn bij sommige incontinentieklachten bij mensen die cognitief in staat zijn een training te volgen. Mensen leren dan:

  • opnieuw hoe de spieren rondom de blaas voelen
  • de blaas spieren opnieuw leren aanspannen en ontspannen
  • het langzaam opbouwen van het ophouden van de plas
  • eerder ervaren situaties met ongelukjes “doordenken”.

Enige controle over de blaas kan worden verkregen; dit vereist echter meestal de multidisciplinaire aanpak van een revalidatieteam of een gespecialiseerd bekkenbodem (fysio-)therapeut.

Incontinentie kan problemen veroorzaken met de huid als de huid te vaak wordt blootgesteld aan urine. De kans op een urineweginfecties is groot als iemand problemen heeft met het plassen of als diegene de blaas niet volledig kan legen. Als het hersenletsel, bijvoorbeeld een beroerte , een gevolg is van suikerziekte dan is de kans op urineweginfecties nog groter.

 

Als iemand de aandrang om de blaas te legen niet kan voelen, zijn  er andere mogelijkheden:

  • een blaaskatheter geven (verblijfskatheter)
  • op gezette tijden een katheter inbrengen en verwijderen, zodat de blaas regelmatig geleegd wordt
  • plasmomenten plannen
  • gebruik van een externe condoomkatheter voor mannen
  • in uiterste noodzaak incontinentie materiaal gebruiken.

Een kans op een urineweginfectie is groot, juist ook met het gebruik van katheters.

 

What do you want to do ?

New mail

What do you want to do ?

New mail

Partner van & Partner en gezin

(audio volgt na tekst)

Partner van & Partner en gezin

Bij de reacties op mijn website kwam terecht een opmerking binnen dat het niet alléén ons leven verandert maar ook het leven van de partner als er sprake is van een chonische aandoening, in dit geval NAH(Niet Aangeboren Hersenletsel) 

Ik kan niet voor iedereen spreken dus ga ik op de ik-vorm over om hier toch aandacht aan te besteden.

Ik zei al dat het een terechte opmerking is, helaas sta ik daar niet altijd stil bij. Ik weet eigenlijk niet goed waarom niet.. wellicht voel ik me meer ‘slachtoffer’ dan mijn partner. Verstandelijk weet ik heel goed dat Partner van….. ook anders geworden is

De partner zit in hetzelfde bootje , een bootje waar ook hij niet om gevraagd heeft. Maar voor mijn gevoel raakt het mij meer dan hem hoewel ik zijn kant natuurlijk niet kan voelen. Wél kan ik de ongerustheid merken.. ik mag nauwelijks na een infarct alleen thuis blijven, er wordt goed opgelet of ik mijn medicatie wel goed gebruik, of ik goed eet en hoe ik praat (aangezien mijn spraak veel zegt over mijn vermoeidheid)

Nu zijn de gevolgen natuurlijk ook niet in elk geval hetzelfde, grote lijnen komen vaak overeen maar niet alles. En dan heb ik het niet over de lichamelijke zichtbare gevolgen maar meer over de ‘verborgen gebreken’ Naar gelang op welke plek in de hersenen de oorzaak van het hersenletsel plaatsvond, hebben ook de gevolgen hun impact. Zo heeft niet ieder letsel bijvoorbeeld een gedragsverandering als gevolg, maar velen hebben dit helaas wel. In mijn geval is dit niet het geval (gelukkig)

Al kan ik me wel goed voorstellen dat we voor een deel veranderen in onze opvattingen, angsten of andere gevoelens. Maar is dat gedragsverandering?

Wat ik bij mezelf vooral veranderd vind, is mijn energielevel en dat remt me op meerdere gebieden. Daardoor voel ik me minder sociaal dan voorheen, ik beleef niet meer overal plezier aan, ik kies veel bewuster (of eigenlijk heel bewust) mijn bezigheden. Dat maakt me wel minder spontaan natuurlijk. Zelf vind ik me ook geen doorzetter meer maar daar is bijna geen mens het mee eens! Fijn om te horen maar toch voel ik dat zelf niet zo..

Als ik naar mijn partner kijk, zie ik dat er bij hem vooral veel ongerustheid speelt ! Dat kan ik me wel voorstellen na de diverse hart- en herseninfarcten. Zijn grootste angst is om er eens niet bij te zijn als het gebeurt en dat is een gevoel wat ik jammer genoeg niet kan wegnemen.

Ook komt er veel meer op zijn schouders terecht nu, vooral wat huishouden betreft. Daarnaast werkt het ook niet mee dat ik nog steeds niet mag autorijden.

Nu bestaat er voor partners gelukkig wel ook een luisterend oor als daar behoefte aan is. Mijn man staat bijvoorbeeld geregistreerd als mantelzorger in onze regio bij de des betreffende mantelzorgorganisatie, daar vindt hij regelmatig steun op bijeenkomsten van gelijkgezinden. Nu heeft mijn man minder met internet (hij zal mijn website waarschijnlijk niet eens weten te vinden  ) maar ook op internet kun je informatie vinden en waarschijnlijk in de verschillende groepen ook mensen die hetzelfde meemaken en waar je met vragen terecht kunt. Op Facebook is er ook een pagina voor zowel NAH-patiënten als ook partners en dat zijn de pagina’s van Lieky.

Niet alleen voor de partner verandert het leven maar ook voor de rest van het gezin, (klein)kinderen, ouders, schoonouders. Mijn eigen ervaring is dat de kinderen, met name mijn zoon veel ongeruster zijn. Nu zijn mijn kinderen volwassen en uit huis inmiddels. Ze leven hun eigen leven en op dit moment zijn er nog geen kleinkinderen. Mijn (hopelijk) toekomstige kleinkinderen zullen niet beter weten dan dit is oma.. ze zullen me niet anders kennen dan hoe ik ben.

Maar als je leven op zijn kop staat en je moet keuzes maken vanwege je energielevel, kan ik me goed voostellen dat ze niet begrijpen waarom mama, of papa, of opa of oma, ineens niet meer meegaat naar de speeltuin of nog maar eventjes op je verjaardagsfeestje komt.

Naar gelang de leeftijd van de (klein)kinderen, zou ik zeggen: maak alles bespreekbaar, neem ze eens mee naar een therapie. Zo kunnen ze zien waar je mee bezig bent en ze kunnen vragen stellen aan de betreffende therapeut.

Onderstaande link kan handig zijn om te geven aan familie- of gezinsleden die  meer willen weten over hersenletsel en de onzichtbare gevolgen.

De link www.hersenletsel-uitleg.nl is zoals de link ook zegt echt een pagina met uitleg over hersenletsel op duidelijk wijze.

 

Maar het belangrijkste is: Begrijp dat ook ZIJ slachtoffer van de situatie geworden zijn en er niet om gevraagd hebben !!

Probeer er samen uit te komen, het kan jullie relatie alleen maar sterker maken, en dát kan ik uit eigen ervaring écht zeggen !

 

Vanaf deze plek wil ik toch heel graag mijn dank uitspreken aan de partners en andere naasten die ons altijd bijstaan en in dit schuitje meedobberen !!

Volgende week heb ik een gesprek, podcast zeg maar, met mijn partner om hem in zijn eigen woorden te laten vertellen wat dit alles met hem gedaan heeft.

 

 

What do you want to do ?

New mail

Facialis parese of aangezichtsverlamming

Audiobericht onder de tekst

Aangezichtsverlamming

Facialisparese ofwel vertaald naar aangezichtsverlamming kan na een CVA ook voorkomen en kan tot meer problemen leiden dan je op het eerste gezicht zou denken (op het eerste gezicht, een toevallige woordspeling) Zelf heb ik dit probleem sinds mijn laatste infarct in 2018. En ook dit verschijnsel wordt zwaar onderschat.

De nervus facialis of aangezichtszenuw

Beide kanten van uw gezicht hebben een nervus facialis ofwel aangezichtszenuw. Deze zenuw zorgt voor de gelaatsexpressie van het aangezicht (mimiek). Ook het sluiten van je ogen en mond wordt geregeld door deze zenuw.

De aangezichtszenuw komt uit de hersenen en loopt door een nauw, benig kanaal (tunnel) in de schedel om tenslotte tevoorschijn te komen in de oorspeekselklier, die voor het oor ligt. In deze speekselklier splitst de zenuw zich in verschillende takken naar de spieren van het gezicht. Een kleine aftakking van deze zenuw loopt naar de tong en zorgt voor de smaak.

De aangezichtszenuw is vergeleken met andere zenuwen kwetsbaar. Waarschijnlijk komt dit vanwege het nauwe en lange benige kanaal waardoor de zenuw verloopt. Wanneer om welke reden dan ook de zenuw binnen de schedel beschadigd wordt, gaat de zenuw minder goed functioneren. De aangedane zijde van uw aangezicht beweegt niet goed meer mee. Dan heb je een verlamming aan deze zijde. Wanneer de aangezichtszenuw (vrijwel altijd aan één zijde) slecht functioneert, valt de functie van de spieren in die gezichtshelft uit. Dit noemt men een facialisverlamming.

Het gevolg is een scheef gezicht. De mondhoek hangt lager, de plooi tussen neus en mondhoek verdwijnt en het oog is wijder dan aan de gezonde zijde. Het is onmogelijk het oog te sluiten en bij pogingen daartoe ziet men het oogwit verschijnen. Dit wordt veroorzaakt door het omhoog draaien van de oogbol. Een gewoon verschijnsel dat normaal niet wordt gezien, omdat het ooglid er overheen schuift. De wang is slap en doordat de mond deels omlaag hangt, is praten en slikken moeilijk. Soms loopt speeksel uit de mond.

Een verlamming kan volledig of onvolledig zijn. Bij een onvolledige verlamming zijn de aangezichtsspieren in beperkte mate beweeglijk. Een onvolledige verlamming kan zich binnen enkele dagen toch nog ontwikkelen tot een volledige verlamming.

Overigens kunnen soms ook (oor)pijnsensaties ontstaan.

Oorzaken van een facialisverlamming kunnen onder andere zijn:

  • oorontsteking;
  • schedelletsel zoals CVAof letsel na operatie,
  • een tumor die op de zenuw drukt. Hierbij treedt de verlamming dikwijls zeer geleidelijk op;
  • de zogenaamde tekenbeetziekte (ziekte van Lyme).
  • het gordelroosvirus. Deze verlamming is vaak pijnlijk en gaat soms gepaard met gehoorverlies en evenwichtsstoornissen;
  • Deze vorm noemt men de verlamming van Bell

In ca. 50% van de gevallen spreken we van de verlamming van Bell.

De verlamming van Bell, kan in het algemeen als een milde aandoening worden gezien.

Prognose van de aangezichtsverlamming

De verlamming van Bell geneest vaak zonder behandeling binnen 6 tot 8 weken spontaan en volledig. De leeftijd speelt hierbij echter een grote rol: Een onvolledige verlamming geneest meestal vanzelf zonder problemen.

Duurt de genezing langer dan een jaar, dan zal volledig herstel waarschijnlijk niet optreden. Hierop is de kans ook groter als bij een volledige verlamming door zenuwverval de nervus facialis beschadigd wordt.

Restverschijnselen

Na een aangezichtsverlamming met zenuwverval kunnen hinderlijke verschijnselen blijven bestaan. Door een verminderde spierkracht kunnen oog en mond onvolledig worden gesloten. De aangedane zijde kan abnormaal meebewegen bij spreken, eten en fluiten. Verder kan de aangedane zijde strak aanvoelen en het oog tijdens het eten tranen (“krokodillentranen”).

Het herstel zal een jaar na het begin van de verlamming niet verder doorzetten.
Na verloop van jaren kan de verlamming minder zichtbaar worden, omdat de huid ouder wordt en uitzakt. Het eindresultaat is vaak acceptabel.

Behandeling

Rust

Bij de verlamming van Bell zal het spontaan herstel worden afgewacht zolang de functie niet of niet helemaal uitvalt. Absolute rust lijkt niet noodzakelijk, maar uit oogpunt van de mogelijke oorzaak is het vermijden van teveel inspanning misschien op zijn plaats.

Oogproblemen

Ter voorkoming van oogproblemen wordt geadviseerd tijdens de nachtelijke uren het aangedane oog te behandelen met oogzalf of af te plakken met een horlogeglasverband. Dit voorkomt uitdroging. Zonodig kunnen overdag beschermende oogdruppels worden gebruikt.

Mimetherapie

Bij onvolledig herstel door beschadiging van de zenuw kunnen de hinderlijke restverschijnselen (asymmetrie in het gezicht, verminderde functie en abnormaal meebewegen) zoveel mogelijk onderdrukt worden door specifieke oefentherapie (“mimetherapie”). Deze behandeling beoogt een betere controle te krijgen over de gestoorde gelaatsexpressie. Door oefenen wordt een bewust verband gelegd tussen lichaamstaal, emoties en gelaatsuitdrukking. De oefeningen zijn gericht op ontspanning, beheersing van de ademhaling en het leren bewegen van de mimische spieren van gezonde en aangedane zijde samen.

Logopedie

Ook logopedie kan behulpzaam en waardevol zijn. Logopedie kan mime oefeningen geven maar kan ook aandacht geven aan het probleem met eten en drinken. Bij de slikstoornissen zagen we ook al dat logepedie veel kan betekenen. We zagen immers net bij de restverschijnselen dat de mond abnormaal meebeweegt met eten en drinken, waardoor dit via de zijkanten weer uit de mond loopt.

(Mijn Tip: gebruik babydoekjes ivp papieren tissues, is zachter voor je huid plús het reinigt beter)

Psychosociale begeleiding

Psychosociale begeleiding is bij een aantal patiënten noodzakelijk.

Plastische chirurgie

Indien er restverschijnselen overblijven, kan reconstructieve aangezichtschirurgie tot de mogelijkheden behoren. Dit is uiteraard afhankelijk van de wensen van de individuele patiënt en kan variëren van een goudgewichtje in het bovenooglid om ervoor te zorgen dat het oog beter sluit tot reconstructies met behulp van zenuwtransplantatie. Een normale situatie wordt echter met de operatie niet meer bereikt en dit zijn dus tot op zekere hoogte hulpmiddelen.

Tenslotte: nog iets wat wel leuk meegenomen is: Aan de zijde van je verlamming zul je geen rimpla rond je mond krijgen, aangezien dir zijde verlamd is. Een reden minder om een plastisch chirurg in te schakelen..

Overigens: De problemen die ik tegen kom probeer ik hier ook te beschrijven.

  • Er is bij mij sprake van krachtsverlies in mijn mond. Dit maakt kauwen moeilijk en daardoor is eten regelmatig ook vermoeiend.
  • Daarnaast is het opletten dat ik goed eet en niet drank of eten uit mijn mond loopt. Vandaar mijn tip voor het gebruik van babydoekjes.
  • In combinatie met de slikstoornissen snapt iedereen wel dat eten veel energie kost voor me.
  • Een ander probleem is mijn gebit: ik heb een kunstgebit ,één gewone en één klikgebit. Zo gauw die op maat gemaakt is, past hij even. Letterlijk even: na een week zit hij niet meer fijn. Dan worden praten en eten weer moeilijker. Dit heeft alles te maken met mijn aangezichtsverlamming. De spieren en pezen in mijn mond veranderen continu en daar is helaas niets aan te doen. En het gebit steeds plakken is ook geen oplossing, zelfs de plak blijft niet meer zitten.
  • Dit laatste, mijn gebit dus, is het grootste probleem, al dacht ik na het herseninfarct in 2018 dat mijn scheve mond het grootste probleem was. Het scheve gezicht is zeker niet mooi te noemen maar de meeste mensen zeggen dat het wel meevalt. Zelf ben ik het daar niet eens mee, maar er bestaan ergere dingen.
  • Tenslotte zou ik mijn smaakproblemen bijna vergeten. Door die aangezichts verlamming heeft die zenuw die bij de tong vertakt, ervoor gezorgd dat mijn smaak veranderd is. Dingen die ik héérlijk vond, zijn nu niet meer te eten. Andersom ben ik nog niet tegengekomen, moet ik misschien eens gaan proberen. Wie weet wat ik dadelijk ineens wél lust

 

     

3 weken vóór het herseninfarct                      1 week ná het herseninfarct

 

 

 

 

 

What do you want to do ?

New mail

What do you want to do ?

New mail

What do you want to do ?

New mail

Marly – Revalidatie – Uitzending 10 mei 2020

 

Revalidatie

 

Over revalidatie kan ik niet echt kort zijn. De vaste luisteraars weten dat ik inmiddels meerdere infarcten achter de rug heb en in de loop van de jaren vanaf 2012 tot nu heb ik verschillende revalidatietrajecten doorlopen en geen één was hetzelfde.Daarom heb ik ze eens op een rijtje gezet zodat de verschillen ook beter benadrukt kunnen worden. De eerste keren 2012-2013 had ik revalidatie vanuit het ziekenhuis met de benodigde verschillende therapeuten. Revalidatie-arts,die het geheel overziet, fysiotherapie voor de grove motoriek en het opstarten van conditie met sport, ergotherapie voor de fijne motoriek, logopedie voor de spraak en in mijn geval ook pychologie. Daarnaast werden er in het ziekenhuis verschillende groepsbijeenkomsten georganiseerd over diverse onderwerpen zoals bv ‘voeding’ of ‘aanpassen van de leefgewoonten’

Tot zover de revalidatie van het ziekenhuis, waar ik overigens zeer tevreden over was.

———————————————————————

 

In 2015 mocht ik na een week opname gewoon naar huis en moest ik zelf contact op nemen met de fysiotherapeut, ergotherapeut én logopediste. zij moesten aan de hand van mijn eigen verhaal (informatie had ik niet meegekregen) de behandeling bepalen.

De beste uitleg en behandeling kreeg ik van de logopediste en van de fysiotherapeut. Van ergotherapie worden maar enkel uren vergoed per jaar vanuit het ziekenfonds, dat ging dus allemaal wat minder uitgebreid helaas. Maar ik kon er goed mee vooruit

Tot zover de minder gestuurde revalidatie

 

—————————————————————–

 

En tenslotte komen we bij mijn laatste revalidatie (inmiddels 2018)  in de revalidatie kliniek, de meest individueel aangepaste revalidatie.

Als je naar de revalidatiekliniek mag, dan krijg je echt op maat aangepaste revalidatie, meer dan wat het ziekenhuis je kan bieden! De grote lijnen komen wel overeen uiteraard, je krijgt je eigen fysiotherapeut, je eigen ergotherapeut, je eigen psycholoog, je eigen maatschappelijk werker die er voor jou, maar er ook voor je gezin is. Maar wat verschilt (behalve dat je opgenomen bent) is dat alle mogelijkheden aanwezig zijn om te kunnen werken naar zelfstandigheid. Althans in de kliniek waar ik opgenomen was.. ze hebben echt alles, je kunt het zo gek niet bedenken of het is er.. er staat een auto om te leren hoe je kunt in- en uitstappen, vooral zeer geschikt voor de rolstoel revalidanten. Ze hebben een complete woonkamer gebouwd om zaken te oefenen. Waarbij ik ook eens gezien heb dat de stoelen als in een bus geplaatst werden en oefende men dus busritten.Een keuken waarin we gingen koken als onderdeel van de ergotherapie. En zelfs een badkamer met badkuip ! Overal zijn trappen te vinden met leuningen aan diverse zijden zodat je de trap in je eigen huis als het ware kun oefenen.

Ook qua therapieën zijn er talloze mogelijkheden.

*Bijvoorbeeld de arm hand/groep

Dit stuk is geschreven in mijn armhand/groep omdat ik schrijf om te oefenen in de arm hand/groep, daarmee kan ik tevens ook gebruik maken van de mogelijkheid om uit te leggen hoe deze groep in zijn werk gaat.

De naam van deze groep zegt het al het gaat om je (aangedane)hand en arm te trainen of oefenen om weer bepaalde functies of activiteiten te doen. En dan met name activiteiten  die je in het dagelijks leven tegenkomt. De week wordt dan ook begonnen met het bespreken van het weekend en wat we daarin gedaan hebben m.b.t. tot onze handen en hoe dat ging. Daarna kiezen we een taak voor die week. En dat kan van alles zijn,  voor jezelf kies je iets wat je belangrijk vind. Zo koos ik in het begin eten met mes en vork. Als eerste oefeningen ga je die gekozen taak uitproberen, vanzelfsprekend met de aangedane hand. Soms kun je de goede hand eens proberen om te zien hoe je het precies doet en vanuit daar kun je datzelfde proberen dat na te doen. Voor mij heeft het oefenen heeft het goed geholpen en ik kan mijn vlees weer mooi zelf snijden en dus veel beter met mes en vork eten.

Voor deze week heb ik als taak het typen met 2 vingers gekozen omdat ik graag (wil blijven typen)deze site wil blijven bewerken. En hoewel typen ook best lukt met 1 hand, is het frustrerend om te zien hoe de therapeuten fijn en snel met 2 handen typen wat ik voorheen ook ‘gewoon’ deed. Maar zoals we allemaal wel weten hoort ‘gewoon’ niet meer in ons leven erbij. En zo kon ik weer een weektaak aan mijn lijstje toevoegen, typen met het gebruik van beide handen. Uiteindelijk blijft het een kwestie van oefenen, maar zoals bij alles wat mij niet lukt vind ik het ook fijn om te weten waarin het probleem zit zodat ik weet waar ik aan moet werken. Bij het typen zit het probleem vooral erin dat ik in de kootjes van mijn de vingers in mijn linkerhand de kracht niet of nauwelijks inzet. Als hoofdoefening moet ik nu vooral typen uiteraard, tussendoor moet ik andere oefeningen doen, zoals kneden van klei of proppen maken van de bladzijdes van een telefoonboek, daarmee wordt de sterkte van de vingers gestimuleerd, vooral in de klei kun je goed je vingers trainen  om de toetsen van je toetsen bord beter  te raken. Hoewel ik duidelijk veel therapieën gehad heb hier in de revalidatiekliniek in alle weken van opname én ook in de dagbehandeling, kan ik met recht zeggen dat voor mij persoonlijk de arm hand/groep het meeste voor mij gedaan heeft. Dat komt door verschillende zaken; * Je kunt vanaf de eerste week gelijk beginnen te oefenen waar voor jezelf de moeilijkheid zit *Je krijgt deze therapie meerdere uren achter elkaar door * door de oefeningen krijg je ook inzicht over je sterke en minder sterke punten *hoe verder je bent in de groep, mag je ook gaan deelnemen aan de arbeidstherapie( in mijn geval houtbewerking), waarbij ook je krachten worden ingezet d.v.m zagen (ideaal als je met mes en vork weer leren eten

 

*Werken aan je conditie en/of lopen weer opbouwen

Behalve fitnessaparatuur zoals de loopband of de hometrainer e.d. zijn er ook verschillende therapieën in groepsverband. Zo is er de groep die zich bezig houdt met valpreventie, Die heb ik zelf niet gehad maar mensen van mijn afdelingen weer wel vandaar dat ik hem weet te noemen, wat ik wél 1 keerheb gehad is een groep die in ging op verschillende aspecten van het lopen in het lopen in het  dagelijks leven zoals bv slenteren op een drukke markt waarbij je rekening moet houden met het looptempo van anderen. Deze groepstherapie kon ik weinig mee vandaar dat ik die maar1 keergedaan heb. Ik vond (ondanks dat ik niet echt een wandelaar ben) de wandelgroep veel leuker en geschikter voor mezelf. Onder begeleiding van therapeuten wandelden we buiten op het grote terrein waar wandelpaden in verschillende kleuren pijlen waren aangegeven. Elk pad/pijl had zijn eigen lengte en heuvels.

Daarnaast was er ook nog het zwembad waar 1 groot en 1 kleiner bad was. Ik heb alleen baantjes getrokken dat zowel goed voor de conditie was maar  ook voor alle spieren en gewrichten in het lichaam. Daarbij leerde ik ook weer iets over mijn minder goede linkerzijde. Met mijn rechterzijde bewoog ik krachtiger waardoor ik aanpassingen moest doen

Voor de Laatste week had ik ‘fietsen’ aangevraagd, als dit me lukte dan kon ik weer iets zelfstandiger worden aangezien ik niet mocht autorijden. (Opmerking achteraf: helaas voelde ik me toch onveilig op de fietsvoorlopig dan maar nog even aanhankelijker wezen, het zij zo)

Zoals ik al zei, in de revalidatiekliniek zijn er talloze mogelijkheden!!

Uiteijndelijk merkte ik ook behoorlijk verschil in de tijd van opknappen, maar daarnaast is het ook veel, heel veel intensiever. Het schema/rooster is haast een werkweek, ik had dagen waar ik om 9 uur moest beginnen en pas om 5 uur klaar was. Het is dan ook meer dan eens voorgekomen dat ik zo in slaap viel als ik kort ging rusten.

 

 

What do you want to do ?

New mail

What do you want to do ?

New mail

Afgekeurd worden? WIA aanvraag – Uitzending zondag 12 april

 

Afgekeurd worden?

Aanvankelijk denkt of hoopt iedereen weer aan het werk te kunnen

Helaas loopt het dus niet altijd even voorspoedig en de meesten krijgen toch te maken met de de vraag,kan of moet ik afgekeurd worden? Het traject wat dan volgt, is afhankelijk van de dan geldende wetgeving. In mijn geval betekende het dat er een 2e spoor opgestart moest worden waarbij een onafhankelijke arbeidsdeskundige op mijn werk mee kwam kijken en een gesprek aanging met mij en één met mijn baas.Hierbij werd gekeken in hoeverre ik mijn eigen werk kon uitvoeren en in hoeverre er aanpassingen gedaan moesten worden. Daar kwam een percentage uit voort wat bepalend werd voor na het 2e jaar ziekte. Bij mijn kwam er heel snel een einde aan doordat ik elke maand een hartinfact en TIA kreeg. Dat spoor 2 hebben we nooit meer kunnen oppakken want eer ik het wist was de tijd al aangebroken om een WIA-aanvraag te doen.

Een heel papierwerk wat ingevuld moet worden, als je ervoor staat,zorg dan alles bij elkaar te hebben, je persoonlijke gegevens,de voortgangsrapporten van de arbeidsdeskundige, je medische gegevens enz.Na het versturen krijg je een oproep om bij een verzekeringsarts te komen. Deze bekijkt samen met je wat jouw ideën zijn, wat je wel of niet kunt en hij/zij maakt hier een verslag van. Dit verslag gaat naar de arbeidsdeskundige die met deze functionele (on)mogelijkheden gaat kijken of hier banen voor bestaan die je volgens hún kunt uitvoeren. Daar worden hele rekensommen op losgelaten die uiteindelijk een percentage van afkeuring oplevert. Alles volgens de op dat moment geldende wetgeving en norm!

Op dit moment, april 2020 –

WGA staat voor Werkhervatting Gedeeltelijk Arbeidsgeschikten. U krijgt een WGA-uitkering in de volgende situaties:

  • U kunt ondanks uw ziekte wel werken, maar hierdoor 65% of minder van uw oude loon verdienen.
  • Of u kunt door uw ziekte helemaal niet werken, maar dit is waarschijnlijk tijdelijk.

De WGA-uitkering vult voor een deel het inkomensverlies aan dat u heeft door uw ziekte of aandoening. Zo bent u bij ziekte verzekerd van een inkomen.

Er zijn 3 verschillende WGA-uitkeringen. Welke WGA-uitkering u krijgt, hangt af van uw situatie. Het staat in de brief die u van ons krijgt. U kunt ook kijken in het WGA-schema. Meestal ontvangt u eerst een loongerelateerde uitkering. Daarna volgt óf een loonaanvullingsuitkering óf een vervolguitkering

 

In mijn geval ging alles heel snel. De verzekeringsarts zei mij gelijk volledig en duurzaam af te keuren. Elke inspanning zou in mijn geval alleen maar meer infarcten opwekken. Voor hield mij hield dit in gelijk IVA afgekeurd te zijn, ik zou ook nooit meer voor een controle opgeroepen worden en ik moest maar een leuke hobby zoeken, zei hij. Nu ik de verhalen van anderen hoor, weet ik heel blij te mogen zijn met dit verloop maar ik heb echt tranen met tuiten gehuild minutenlang in dat kantoor.

Een week later kreeg ik een telefoontje van de arbeidsdeskundige dat hij me niet meer voor een gesprek liet komen omdat dit nutteloos was, er kon voor mij geen functie meer gevonden worden. En dat was het dan! Precies 2 jaar na na mijn eerste herseninfarct was ik afgekeurd. Op mijn werk werd de balans opgemaakt voor een eindafrekening, ik heb een contractsbeëindiging ondertekend en mijn baas heeft met papieren van de afkeuring mijn pensioenfonds ingelicht. In mijn geval worden de pensioensgelden tot aan datum van pensioen ‘gewoon’ doorbetaald of geteld. De precieze benamingen hiervoor ken ik niet. En zo leef ik nu een leventje waar ik wordt betaald zonder ervoor te hoeven werken, maar je bent daarentegen ook veel kwijt!! Daarbij is er voor mij inderdaad geen einde gekomen aan mijn infarcten en TIA’s en blijf ik dus steeds knokken voor het volgende herstel MAAR zonder me druk te hoeven maken om afkeuring…

 

What do you want to do ?

New mail